Algemene informatie over de republiek Malta

Het wapen van MaltaHet wapen van Malta

De dwergrepubliek Malta (of officieel Repubblika ta' Malta) bestaat uit een aantal eilanden in de Middellandse Zee. Het grootste eiland van de republiek is Malta. Behalve Malta behoren ook Gozo (Ghawdex), Comino (Kemmuna) en de onbewoonde eilandjes Cominotto (Kemmunett), St. Pauls eiland en Filfla (Filfola) tot de republiek. De hoofdstad van Malta is Valletta. De oppervlakte van de eilanden gezamenlijk is ongeveer 316 vierkante kilometer. Daarmee is het slechts tweemaal zo groot als het Nederlandse Waddeneiland Texel. Malta telde in 2015, volgens een telling van de NSO (National Statistics Office) 434.403 inwoners. Hiermee is het één van de dichtst bevolkte landen ter wereld. Malta behoort tot de Europese Unie en het Gemenebest van naties; het voormalig Brits Gemenebest. Geografisch gezien behoort Malta tot Afrika, maar cultureel en historisch gezien is het onderdeel van Europa. De naam Malta is afgeleid van het Griekse woord 'Malet', dat 'plaats van bescherming' betekent. Het ligt in het zuiden van Europa in de Middellandse Zee op 93 kilometer ten zuiden van het Italiaanse eiland Sicilië. Tussen Malta en Sicilië ligt een stuk Middellandse Zee dat het kanaal van Malta wordt genoemd. Ten zuiden van Malta ligt op 290 kilometer het noorden van Afrika en ten westen ligt Tunesië. Valletta ligt een stuk zuidelijker dan de Tunesische hoofdstad Tunis. Toch is Malta niet het zuidelijkste punt van het continent Europa. Dat is namelijk het Griekse eiland Gavdos, dat onder het eiland Kreta ligt. Ongeveer halverwege Malta en Tunesië liggen de Pelagische Eilanden (Lampedusa, Linosa en Lampione). Dit zijn vulkaaneilanden die, ondanks dat ze op het Afrikaanse continentale vlak liggen, bij Italië horen. De ondergrond van de eilanden van Malta bestaat vooral uit rotsen kalksteen. Over het algemeen is het terrein vlak tot heuvelachtig. Het hoogste punt, Ta'Dmejrek, ligt op 253 meter hoogte, dicht bij de plaats Dingli. Langs de kust zijn vooral aan de zuidzijde veel steile kliffen te vinden.

Inwoners

Nationale feestdagen 2017
01 jan - Nieuwjaarsdag
10 feb - Paulus' schipbreuk
19 mrt - St. Jozef
25 mrt - Goede vrijdag '16
31 mrt - Vrijheidsdag
14 apr - Goede Vrijdag 01 mei - Dag van de arbeid
07 jun - Sette Giugno (7 juni 1919 herdenking)
29 jun - L-Imnarja (st. Peter & st. Paulus)
15 aug - Maria-Hemelvaart
08 sep - Our lady of victories
21 sep - Onafhankelijkheidsdag
08 dec - Onbevlekte Ontvangenis
13 dec - Dag van de Republiek
25 dec - Kerst

De meeste inwoners van Malta zijn de autochtone bewoners van het land, de Maltezers. Het volk is in haar culturele ontwikkeling sterk beïnvloed door de Italianen en andere mediterrane volkeren. De traditionele bebouwing, vierkant en gedrongen, geeft het land een Arabische indruk. Ruim 98% van de inwoners is rooms-katholiek en 51% van hen bezoekt wekelijks de mis. Hoewel er godsdienstvrijheid bestaat is er weinig ruimte voor andere goloven. Wel zijn er wat Anglicaanse kerken, twee synagogen, een grote moskee (betaald door de Libische leider Ghadaffi) en wat voorzieningen voor overige gelovigen. Over het algemeen zijn de Maltezers streng gelovig en conservatief (preuts). Veel van de nationale feestdagen zijn feitelijk christelijke feest- of gedenkdagen. Het land kent twee officiële talen; het Engels en Maltees. De meeste mensen die de pensioengerechtigde leeftijd nog niet bereikt hebben, spreken vloeiend Engels. De ouderen spreken over het algemeen alleen Maltees. De Maltezers zijn over het algemeen gezond en de gezondheidszorg is goed georganiseerd. De bewoners zijn modern, beschikken vrijwel allemaal over mobiele communicatiemiddelen en qua internetgebruik is Malta een voorloper in Europa. Het gemiddelde bruto jaarsalaris bedraagt ongeveer € 21.446, - per jaar (in 2010), waarover slechts € 3.860, - belasting betaald moet worden. Veel mensen verdienen minder dan dit gemiddelde. Het minimum maandloon voor een volwassen arbeider bedraagt € 680, - (2010). Ongeveer 4,2% van de beroepsbevolking is werkloos (januari 2017).

Een voortdurend probleem voor de Maltezers is het gebrek aan vers drinkwater. Er bevinden zich geen noemenswaardige natuurlijke waterbronnen op het eiland. Ook is er op het gehele eiland geen enkele rivier te vinden. Tot voor kort werd het water, dat in de regenperiode viel, bewaard voor de droge periodes. Om aan de vraag naar vers drinkwater te kunnen voldoen is er een aantal desalinatie-installaties gebouwd, waar zout zeewater door middel van een osmoseproces wordt verwerkt tot drinkwater. De grootste installatie staat bij het plaatsje Pembroke en produceert 54.000 kubieke meter drinkwater per dag. Ook bij Cirkewwa (18.600 kuub), Ghar Lapsi (24.000 kuub) en Marsa (4.500 kuub) staan zulke waterfabrieken. Gezamenlijk voldoen zij aan de schoonwaterbehoefte op Malta. Overal op het eiland staan grote tanks op de daken van huizen. Mensen denken vaak dat daar regenwater in wordt opgevangen. Dat is niet het geval. De silo's bevatten leidingwater en dienen om tegendruk op het waterleidingsstelsel te bieden op momenten waarop er teveel water gebruikt wordt en tijdens storingen.

Een opkomend probleem is het grote aantal illegale immigranten dat Malta te verwerken krijgt. In het jaar 2008 waren dat er ongeveer 2704. In 2011 was dit aantal gedaald tot 1577, maar daarna is het aantal sterk toegenomen. Het merendeel van de immigranten bestaat uit mannen uit Somalië die bij kalme zee met kleine bootjes vanuit Libië naar Malta vertrekken. Malta slaagt er steeds minder in om deze mensen op een humane manier te huisvesten en krijgt daarop kritiek vanuit de internationale gemeenschap. Malta, op haar beurt, verzoekt de EU veelvuldig mee te helpen bij het oplossen van het probleem. Nederland is een van de weinige landen die enige hulp aanbiedt. De expertise voor de registratie van vluchtelingen op Malta is bijvoorbeeld afkomstig van de COA's in Nederland. Immigranten verblijven in grote centra voor asielzoekers. Bijvoorbeeld nabij Ħal Far, waar lange rijen slecht gestapelde grijze zeecontainers voor onderdak moeten zorgen.

De populairste sport op Malta is voetbal. Ook waterpolo is populair. Buiten de zomers houden veel mensen zich bezig met paardensport en dan met name de rensport. Op internationaal niveau presteren de Maltese atleten niet hoog. Alleen in de GSSE (Games of the Small States of Europe; met Andorra, Cyprus, IJsland, Liechtenstein, Luxemburg, Monaco en San Marino), worden wel eens prijzen gepakt. Het vangen van vogels is van oudsher populair. Trekvogels worden met behulp van lokvogels in kooien naar een jachtgebied gelokt en aldaar gevangen met behulp van netten of gewoon met een geweer. Milieubewegingen slagen er steeds beter in mensen er bewust van te maken dat de jacht op vogels schadelijk is. Dit heeft er toe geleid dat het jachtseizoen een aantal malen niet geopend is door de overheid.

Regering

Het Maltese parlementsgebouwHet Maltese parlementsgebouw

De hoofdstad van Malta is Valletta. Vanuit Valletta wordt de hele republiek geregeerd. Er zijn 68 electorale districten (councils), vergelijkbaar met gemeenten, met elk een eigen bestuur. Tezamen met de landelijke overheid vormen zij de enige twee bestuurslagen die Malta kent. De councils (de stadsbesturen) dragen zorg voor het uitvoeren van de wetten die in Valletta worden bedacht. Voor het eiland Gozo telt Victoria (Rabat) als hoofdstad.

De republiek Malta is een parlementaire democratie. De president van Malta is, sinds 4 april 2014, Marie Louise Coleiro Preca. Zij volgde George Abela op. In principe bekleedt elke president deze ceremoniële functie vijf jaar lang. De president wordt gekozen door het huis van afgevaardigden. Het huis van afgevaardigden (Kamra tad-Deputati), te vergelijken met de Nederlandse Tweede Kamer der Staten-Generaal, bestaat uit minstens 65 personen (op dit moment 67). Vijf van hen komen altijd uit regio Gozo/Comino. Ook komt uit dit district altijd minstens één minister. De afgevaardigden werden voor het laatst gekozen tijdens de verkiezingen op 3 juni 2017.

De minister-president (de feitelijke regeringsleider) is, sinds 11 maart 2013, Joseph Muscat, van de MLP (Partit Laburista); de arbeiderspartij. De MLP won de verkiezingen op 9 maart 2013 en 3 juni 2017 van de PN (Partit Nazzjonalista); de christendemocratische partij. Aan de leiding van de PN stond Lawrence Gonzi, die zichzelf vanaf 23 maart 2004 tot de verkiezingen van 9 maart 2013 drie termijnen lang minister-president mocht noemen, waarna hij op 4 mei 2013 werd opgevolgd door Simon Busuttil, die er inmiddels alweer de brui aan heeft gegeven. Tijdens de laatste verkiezingen (03-06-2017) onting de MLP 170.976 stemmen (55,04%) en de PN 135.696 (43.68%). Het opkomstpercentage lag op 92,1%. De verkiezingen werden georganiseerd nadat de positie van de minister-president door twijfel onhoudbaar leek te zijn geworden. Dit vanwege allerlei corruptieschandalen binnen zijn partij. Zo bevond Konrad Mizzi zich in het kabinet; de enige minister in Europa die in de zogenaamde Panama-papers genoemd werd. Nadat journaliste Daphne Caruana Galizia openbaarde dat vanuit een Maltese bank stukken werden weggevoerd met een privé vliegtuig naar Azerbeidzjan en de politie te laat was met een inval, omdat de verantwoordelijke zat te dineren, nam het wantrouwen dusdanig toe dat Muscat op de Dag van de Arbeid (01-05-2017) uitriep. Deze won hij vervolgens met overmacht. Sinds de Maltese onafhankelijkheid (21-09-1964) strijden de PN en MLP met elkaar om de macht in Malta. Andere splinterpartijen hebben tot nu toe weinig bestaansrecht. Alternattiva Demokratika (de groene partij) was de enige partij die tijdens enkele verkiezingen wat in te brengen had. Op hun hoogtepunt ontvingen zij 5.506 stemmen (1,8%).

Sinds mei 2004 behoort Malta tot de Europese Unie. Over de motie tot toetreding werd op 8 mei 2003 een referendum gehouden. 53,6% van de bevolking was voor toetreding tot de unie. De PN was voor toetreding en de MLP was tegen. Ondanks dat de bevolking voor toetreding stemde, claimde de MLP de overwinning. Dit had het vreemde gevolg dat zowel het voor- als het tegenkamp feestvierde na het tellen van de stemmen. Toen de MLP geen gelijk kreeg, wilde leider Alfred Sant eerst een nieuw referendum laten uitroepen. Later riep hij de bevolking op de toetreding tot de EU te boycotten. De bevolking gaf hier echter weinig gehoor aan. Het voorval is typisch voor de Maltese politiek. De ene partij neemt een standpunt in en de andere gaat hier recht tegenin. Tijdens verkiezingen wint vaak de partij die daarvoor niet het grootst was. De bewoners vinden steeds de partij die regeert maar niets en kiezen dan voor de andere partij om bij de volgende verkiezingen om dezelfde reden toch maar weer de eerste partij te kiezen.

Geschiedenis

1. Prehistorie

Het eerste bewijs van bewoning op Malta komt uit ongeveer 5200 jaar v. Chr. Verschillende bouwwerken op Malta en Gozo, die nu nog bestaan, komen uit die periode. De eerste bewoners kwamen waarschijnlijk vanaf Sicilië en vestigden zich in grotten, zoals bij Ghar Dalam. Zij hielden zich voornamelijk bezig met de landbouw. Daarnaast zijn ze verantwoordelijk voor de bouw van de megalithische tempels op de eilanden. Later kwamen andere volkeren naar de eilanden toe. Vanaf het ongeveer 2300 jaar v. Chr. kwamen de Tarxien naar Malta. En rond 1450 jaar v. Chr. Kwamen daar de Borg in-Nadur bij. De Tarxien werden in hun cultuur opgenomen. Rond 900 jaar v. Chr. kwamen daar de kolonisten van de Bahrija bij. De volkeren leefden in relatieve vrede met elkaar samen. Ongeveer een eeuw later, kwamen de Feniciërs naar Malta. Dit was een handelsvolk dat de strategische ligging van Malta gebruikte voor de handel in het westelijke deel van de Middellandse Zee. Weer 100 jaar later koloniseerden de Puniërs vanuit Tyrus en Sidon de eilanden. Dit volk bestond uit zeevaarders, die rond de Middellandse Zee overal nederzettingen stichtten om hun vloot te fourageren en handel te drijven met het achterland. Op Malta bouwden ze een factorij, met een heiligdom voor hun God 'Melkart'. Ook de Grieken streken neer op Malta. Zij stichtten de stad Mdina.

De Punische oorlogen maakten een eind aan de vrede op Malta. Tijdens deze oorlogen, tussen Rome en Carthago (het huidige Tunis), gebruikten de Puniërs Malta als haven voor de oorlogsschepen. De oorlogen duurden van het jaar 262 v. Chr. tot het jaar 242 v. Chr. Vanaf het jaar 218 v. Chr. behoorde Malta echter tot het Romeinse rijk.

2. Romeinen

Vooral vanwege het uitstekende Maltese textiel ging het de Maltezers economisch gezien voor de wind tijdens de Romeinse overheersing. Malta werd onderdeel van de provincie Sicilië. Het kreeg dezelfde politieke en militaire organisatie als het gehele Romeinse rijk. Op de plek van het huidige Mdina werd een fort gebouwd, dat Rabat werd genoemd. Dit werd tevens de hoofdstad van het eiland.

Volgens de bijbel spoelde de apostel Paulus tijdens een schipbreuk op zijn reis naar Rome aan in Malta. Later zou hij zijn veranderd in de Romeinse gouverneur Publius, de eerste bisschop van Malta. Vooral naar Sint Paul zijn ook tegenwoordig nog veel zaken vernoemd op Malta.

Van de Romeinse overheersing zijn, behalve wat aquaducten, weinig zaken overgebleven. Interessant is dat de Maltezers de Latijnse taal niet overnamen van de Romeinen. Ze bleven waarschijnlijk een dialect uit de prehistorie spreken.

3. Byzantijnen

Vanaf de vijfde eeuw kreeg de ondergang van het Romeinse rijk invloed op Malta. Malta en Sicilië samen, werden geregeerd door de Vandalen. Later probeerden de Romeinen het eiland te vergeefs te heroveren. De byzantijnse generaal Belisarius landde in het jaar 533 op Malta.

4. Moslims

In de negende eeuw begonnen de Moren de Maltese eilanden aan te vallen. Officieel werd het eiland in het jaar 870 door de moslims ingenomen. Pogingen van de Byzantijnen (Byzantium is het huidige Istanboel) om het eiland te heroveren leverden niets op. Waarschijnlijk vluchtten de oorspronkelijke bewoners van de eilanden naar Sicilië. De eilanden ontwikkelden zich net als de andere gebieden waar de moslims kwamen, zoals in Noord-Afrika, Spanje en het middenoosten. Verschillende technieken werden door de moslims geïntroduceerd. Vooral middelen voor irrigatie waren voor Malta zeer belangrijk. Er werden Moorse huizen, kastelen en paleizen gebouwd. De moslims gebruikten de natuurlijke havens van Malta voor hun schepen. De hoofdstad werd Mdina. Veel van de huidige plaatsnamen in Malta zijn uit deze periode afkomstig.

5. Middeleeuwen

Vanaf de elfde eeuw werd er in het Middellandse Zeegebied gevochten tussen de christenen en moslims. Ook Malta werd in de oorlog betrokken. Moslimpiraten gebruikten Malta als basis om aan te vallen richting het oosten. Rogier de eerste, graaf van Sicilië, nam wraak op de moslims en veroverde Malta in het jaar 1090. Malta werd onderdeel van het Normandische rijk. De moslims bleven op het eiland, maar in plaats van het aanhangen van de moslims deden ze dat met de Normandiërs. Op verschillende manieren werd het christelijke geloof geïntroduceerd op het eiland. Zo werden er onder andere kerken gebouwd.

Malta en Sicilië kwamen in het jaar 1194 onder het gezag van het huis van Hohenstaufen. Deze dynastie stond onder leiding van Hendrik de vierde (de in november 1165 in Nijmegen geboren Duitse koning). Toen hij op 28 september 1197 stierf begon er een burgeroorlog in Duitsland. Verschillende Hohenstaufens (Frederik, Koenraad, Konradin en Manfred) kwamen binnen korte tijd aan de macht. Vanaf het jaar 1266 kwam Karel de eerste van Anjou, met hulp van de paus, aan de macht. Hij vermoordde Konradin en moordde daarmee het geslacht van de Hohenstaufens uit. De overheersing van Karel van Anjou duurde niet lang. Hij was niet populair, vanwege hoge belastingen en zijn vertrouwen in de Fransen. Door opstanden in het jaar 1282 kwam er een eind aan de overheersing van de Anjou's. De Spanjaard Peter van Aragon steunde de opstanden en kreeg de controle over Sicilië en Malta en werd koning van de regio.

6. Spanjaarden

Malta werd onderdeel van een aantal staten onder de kroon van Aragon. De bewoners van Malta volgden de koningen trouw. De Aragonezen gebruikten het eiland en in ruil daarvoor verdedigden ze het tegen vijandelijke overheersers. De koning van Aragon leende het eiland echter aan nobelen van Sicilië, waardoor er een opstand uitbrak. Koning Alfons de vierde beloofde echter dat het eiland onder zijn leiding zou blijven. Tijdens deze periode werd het eiland ook geplaagd door de pest en moslims - en vrijwel al het andere schorem dat een boot kon besturen - plunderden het eiland regelmatig. Veel van de bewoners werden meegenomen naar Noord-Afrika om als slaaf te werk te worden gesteld.

De Aragonezen konden hun belofte het eiland te beschermen niet waarmaken. Voor hen werd het te duur. Ook de eilandbewoners zelf konden het eiland niet beschermen. Omdat de koningen van Aragon het strategische belang van Malta niet onderschatten werd er een oplossing bedacht. Karel de vijfde verhuurde Malta in het jaar 1530 aan de ridders van de Johannieterorde van Jeruzalem in ruil voor een jaarlijkse bijdrage van twee Maltezer valken; één voor de Spaanse keizer en één voor de onderkoning van Sicilië.

7. De ridders van Malta

Afbeelding van ridders van MaltaPrent van de ridders.

Nadat de ridders van de Johannieterorde, in de strijd tussen het kruis en de halve maan, het Griekse eiland Rhodos verloren in het jaar 1522, kwamen zij zonder thuisbasis te zitten. Het aanbod van Karel de vijfde kwam hen dus prima uit. Al vonden zij Malta aanvankelijk geen ideale locatie. Ze schreven erover dat het eiland eigenlijk niet meer was dan een rots zandsteen waarop slechts op een paar plekken vruchtbare aarde lag. Er was geen zoet water, er waren geen bronnen, het hout was zo schaars dat het per pond verkocht werd en de 12.000 inwoners waren straatarm. Het alternatief was Tripoli, maar daar wilden de ridders al helemaal niet naartoe. Dus werd het Malta. Daar maakten ze uitstekend gebruik van de voordelen die het eiland hen bood. Zo gebruikten ze de natuurlijke havens en inhammen en settelden ze zich in het beschut gelegen Birgu.

In mei van het jaar 1565 begon de slag om Malta. Deze oorlog is beroemd onder de naam 'the Great Siege'. 48.000 Ottomaanse Turken onder leiding van gouverneur Dragut van Tripoli (Libië) probeerden de ridders van Malta te verjagen. Onder leiding van Grootmeester Jean Parisot de la Vallettewisten de ridders op heroïsche wijze stand te houden, totdat er op 7 september 1565 hulp kwam van de Spaanse missionaris García Álvarez de Toledo. Hij landde met slechts 8.000 troepen op Mellieha beach. Daarmee werden de gedemoraliseerde Ottomanen gedwongen de strijd te staken. Zij die niet tijdig konden vluchten, werden op beestachtige wijze afgeslacht.

De Great Siege was in de periode dat hij plaatsvond erg belangrijk. De beroemde Franse filosoof, schrijver Voltaire (1694–1778), pseudoniem van François-Marie Arouet, schreef over het beleg de beroemde woorden: "niets is bekender dan het beleg van Malta".

Na 'the Great Siege' begonnen de ridders met de bouw van de onoverwinnelijk geachte ridderstad Valletta, waardoor het gevaar dat de moslims opleverden werd geëlimineerd. Ze bouwden tal van gebouwen. Voornamelijk in de steden rond de Grand Harbour. Zo bouwden ze een ziekenhuis dat tot de beste en grootste van Europa behoorde. Opmerkelijk was dat men hier patiënten behandelde ongeacht hun sociale afkomst, ras, rang of geloof; ook niet katholieken werden behandeld.

De Johannieterorde kreeg een belangrijke politieke rol in de regio. In de steden vormden ridders uit de verschillende streken uit Europa hun eigen 'langue'; een soort gemeenschap met eigen voorzieningen en een eigen taak, maar met gezamenlijke doelstellingen. De ridders op Malta genoten een enorme welvaart. Zij bestuurden het eiland tot in het jaar 1798, toen Napoleon ten tonele verscheen.

8. Napoleon

In 1797 werd Ferdinand von Hompesch grootmeester van de ridderorde. Tijdens zijn leiding vormden ridders van de Franstalige langue samen met wat edelmannen van Malta een propagandastrijd voor de Fransen. Von Hompesch werd voor hen gewaarschuwd, maar dacht dat het niet zo'n vaart zou lopen. Het verraad zou het einde betekenen van de ridders op Malta.

Op 10 juni 1798 verscheen een Franse vloot, bestaande uit 472 oorlogsschepen onder leiding van generaal Napoleon Bonaparte, voor de kust van Malta. Zij landden bij St. George's Bay en wisten binnen korte tijd een aantal steden en Gozo te veroveren. De ridders van de Johannieterorde, die zich hadden voorgenomen neutraal te blijven, capituleerden al snel. Op 17 juni vertrokken zij van Malta. Malta leek nu in het bezit van de Fransen.

Veel Maltezers zagen de komst van Napoleon in eerste instantie wel zitten. De ridders van de Johannieterorde waren in hun ogen te conservatief en hielden vernieuwingen tegen. Bovendien was de ridderorde in staat van verval geraakt. De steun aan de Fransen verdween echter snel toen zij allerlei rijkdommen van het eiland begonnen te stelen uit de kerken. Napoleon, die zelf slechts zeven dagen op Malta verbleef, wilde hiermee zijn campagnes in Noord-Afrika financieren. Toen hij van Malta vertrok zat zijn schip, de L'Orient, vol met gestolen goud en zilver. De nieuwe leider van Malta werd generaal Claude-Henri Belgrand de Vaubois. Tijdens zijn bestuur werden er steeds meer belastingen ingevoerd en verdween er werkgelegenheid. De economische situatie verslechterde en de Fransen respecteerden de religie van de Maltezers onvoldoende.

Ondanks de overgave door de ridders boden 2000 Maltese milities vanaf het begin van de invasie verzet tegen de Fransen. Ook veel andere Maltezers waren woedend over de manier waarop zij behandeld werden. Toen de Fransen op zondag 2 september 1798 de rijkdommen van de Karmelietenkerk van Mdina wilden veilen, brak er een opstand uit. Het Franse garnizoen in Mdina werd afgeslacht en hun commandant werd van het balkon gegooid. Al snel verspreidde de opstand zich over het hele eiland en Gozo. De Fransen trokken zich terug in Valletta en in de Citadella op Gozo, waar de Maltezers hen belegerden.

Op Gozo gaven de Fransen zich over op 28 oktober 1798. Gozo vormde hierdoor zo'n twee jaar lang een onafhankelijke staat: La Nazione Gozitana. Op Malta zelf duurde het langer. Omdat de Britse marine Napoleon toch al had verslagen in de slag om Aboukir, verzochten de Maltezers hen om hulp. Vanzelfsprekend was dat niet, omdat de Britten door veel Maltezers als ketters werden beschouwd. De Britten wierpen een blokkade van de Maltese havens op, waardoor de Fransen werden uitgehongerd. De Britse vloot, onder leiding van kapitein Alexander Ball, wist de Fransen uiteindelijk tot overgave te dwingen op 5 september 1800. Er stierven ongeveer 20.000 Maltezer burgers tijdens het beleg.

9. Britse periode

Malta werd door de Britten in 1801 gebruikt als tussenhaven bij de invasie en bevrijding van Egypte, dat ook bezet werd door de Fransen. Volgens het verdrag van Armiens (1802), dat ook ondertekend werd door de Britten, zou Malta worden teruggegeven aan de ridders (lees hier het traktaat van vrede dat werd overgenomen in de Nederlandse kranten), maar dat wilde de bevolking zelf niet. Ze wilden dat Groot-Brittanië (of Albion, zoals dat destijds genoemd werd) het bestuur kreeg over de eilanden, maar de Britten wilden dat op hun beurt niet. Toen in 1803 de Napoleontische oorlogen uitbraken en de Europese havens werden geblokkeerd voor de Britse handel, zagen de Britten het belang van Malta wel in. Valletta beschikte immers over havens die tot de best gefortificeerden ter wereld behoorden. Bovendien lag Malta op een strategisch gezien zeer gunstige locatie. De Britten bouwden er werven, pakhuizen en ziekenhuizen. De ridderorde probeerde, vanuit Rusland, de macht over het eiland terug te krijgen maar slaagde daar niet in. Naleving van het verdrag van Armiens zou in dit geval hebben betekend dat Malta aan de Russen had moeten worden overgedragen.

Door het verdrag van Parijs kreeg Groot-Brittannië vanaf 30 maart 1814 de soevereiniteit over Malta. Malta werd op 30 mei 1814 een kroonkolonie van Groot-Brittannië. Er kwam een gouverneur naar het eiland, maar de bewoners kregen vrijheid van religie en mochten hun eigen regels handhaven. Evenwel investeerden de Britten in eerste instantie weinig in Malta. Na de Krimoorlog (1853 – 1856) tussen o.a. de Britten, Fransen en Turken tegen Rusland, werd Malta door de Britse Royal Navy ingericht als marinebasis. Dit bracht werkgelegenheid en daarmee voorspoed en welvaart naar het eiland. De Britten brachten ook rechtvaardigheid, met een coherent wettenstelsel, democratie en politiek beleid. Aangezien Londen het eiland vooral zag als marinebasis, heerste er ook tucht en orde. Door de enorme kracht die Malta uitstraalde, werd het eiland wel het hok van de Engelse buldog in de Middellandse Zee genoemd. Na de opening van het Suezkanaal in 1869, werd Malta een belangrijke tussenstop voor schepen op de route tussen India en Groot-Brittannië. Met name kolen werden verhandeld, aangezien die na de Industriële revolutie steeds belangrijker werden. De route van Indië, via het Suezkanaal, Malta en Gibraltar naar Engeland, was zo machtig dat het wel een 'stalen keten' genoemd werd. Dat bleef het tot de Tweede Wereldoorlog.

Tijdens de beide wereldoorlogen werden de Britten stevig gesteund door de Maltezers. Tijdens beide oorlogen vormde Malta een belangrijke marinebasis. Ook was het eiland belangrijk vanwege het de grote militaire ziekenhuizen (met 25.000 bedden) die er gevestigd waren. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werden er ruim honderdduizend patiënten behandeld, die voornamelijk afkomstig waren van het front bij de Macedonische campagne en de Slag om Gallipoli. Vanwege de verzorging van de enorme aantallen patiënten, werd Malta wel de zuster van de Middellandse Zee genoemd.

Op politiek niveau ontwikkelden de Maltezers zich steeds meer, waardoor een zelfstandige staat niet meer onmogelijk leek. Vanaf het jaar 1919 werd er tegen de bezetting door de Britten geprotesteerd. Dit naar aanleiding van het economische verval en de recessie waarin Malta geraakte na de Eerste Wereldoorlog. De Britten waren onvoldoende in staat de hongerige Maltezers te voeden. Dit leidde tot een opstand op 7 juni van dat jaar. Tijdens de opstand werden vier Maltezers door Britse militairen doorgeschoten. Sinds 1989 wordt Sette Giugno (7 juni) op geheel Malta herdacht.

Ook de Italianen poogden Malta in te nemen, omdat Malta ongeveer halverwege Italië en de voormalig Italiaanse kolonie Libië ligt, was de Britse overheersing de Italianen een doorn in het oog. Door Italië werd stevige pro-Italiaanse propaganda gevoerd. Zo werd Malta door Mussolini wel 'onbevrijd Italië' genoemd. De bewoners van Malta voelden er echter niets voor om tot het armoedige Italië te behoren.

10. Tweede Wereldoorlog

De aanvang van de Tweede Wereldoorlog ging aan Malta grotendeels voorbij. Toen door de Duitsers nabij Danzig (het huidige Gdansk) het eerste schot van de oorlog werd gelost, was dat immers nog ver weg. De situatie veranderde direct toen het Italië van Benito Mussolini op 10 juni 1940 de zijde van Adolf Hitler koos. Een dag later vlogen de eerste Italiaanse bommenwerpers al boven Malta. Malta was slecht op de aanvallen voorbereid. De luchtmacht (uitgerust met drie Gloster Gladiator dubbeldekkers, genaamd 'Hope', 'Faith' en 'Charity') kon in eerste instantie niet beschikken over moderne vliegtuigen. Aangezien de Italiaanse luchtmacht over onbekwame piloten en slechte bommen beschikte, waren de problemen voor Malta aanvankelijk te overzien. De Italiaanse vliegtuigen waren slecht bepantserd en de piloten vluchtten bij enig verzet en dropten hun bommen dan liever in zee. Dat veranderde naarmate de Britse marine vanuit Malta succesvoller werd bij aanvallen op de Duitse vloot die de campagne van Erwin Rommel in Noord-Afrika moest bevoorraden. In reactie hierop werd een complete Duitse luchtvloot vanuit Rusland naar Sicilië gedirigeerd om Malta te bestoken. De matige luchtafweer, die voornamelijk werd bemand door vrijwilligers, zorgde ervoor dat de Duitse en Italiaanse bommenwerpers vrij spel hadden. Vooral Valletta, het gebied eromheen en de luchthavens lagen voortdurend onder vuur. maar liefst 3214 maal klonken de sirenes van het luchtalarm op Malta.

Voorraden konden slechts via zee worden aangevoerd. De konvooien waarin dit gebeurde, vormden een constant doelwit voor de Duitsers, waardoor vaak niet eens de helft van de vloot Malta bereikte. De situatie leek hopeloos en in mei 1942 werd uitgerekend dat Malta in augustus van dat jaar zou moeten capituleren. Keerpunt in de uitzichtloze situatie was Operation Pedestral, met als resultaat de aankomst van de tanker SS Ohio op 15 augustus 1942. Het Santa Maria-konvooi, waarin het schip voer, was door aanvallen sterk uitgedund en het schip zelf raakte zwaar gehavend. Als door een wonder wist de tanker de haven te bereiken en haar kostbare lading af te leveren. Dit gaf de bevolking moed en sterkte de moreel. Een geplande Duitse operatie om Malta te bezetten (Unternehmen Herkules) werd vervolgens niet meer uitgevoerd.

Doordat de troepen op Malta konden beschikken over steeds betere vliegtuigen, die met vliegdekschepen binnen het bereik van Malta werden gebracht, werden er steeds meer successen tegen de Duitsers en Italianen geboekt. Zo werden de konvooien met voorraden van de vijandige troepen nu ook vanuit de lucht aangevallen, waardoor de vitale aanvoerlijnen voor de Duitse troepen in het noorden van Afrika extreem kwetsbaar werden. Uiteindelijk kwam de bevoorrading van de Nazi's in Noord-Afrika zelfs tot stilstand, waarna de troepen van de Britse generaal Bernard Montgomery de Duitsers verder konden terugdringen. Bovendien verdwenen de Duitse bommenwerpers boven Malta, omdat deze nodig waren in de strijd tegen de Russen aan het Oostfront. Hierdoor kon Malta zich herstellen en als basis dienen voor de geallieerde opmars richting Sicilië.

Het George CrossHet George Cross

De vele grotten en gangenstelsel in de natuurstenen ondergrond van Malta, boden de bevolking bescherming tegen de exploderende bommen. Boven de grond werd echter veel verwoest. De bevolking probeerde na elke luchtaanval de draad van het dagelijkse leven weer op te pakken. Toen in juni 1943 de balans kon worden opgemaakt, bleek dat 1490 burgers de oorlog niet hadden overleefd. 35.000 huizen waren vernietigd. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd Malta heviger gebombardeerd, door Duitse en Italiaanse bommenwerpers, dan welk ander doel ter wereld ook. Toch hield Malta stand. Hiervoor ontving de bevolking op 17 april 1942 het George kruis van de Britse koning George IV. Dit is een zeldzame onderscheiding voor getoonde moed voor mensen die niet in actieve militaire dienst zijn. Momenteel is het kruis in de vlag van Malta verwerkt. De uitreiking van het kruis werd overigens eveneens verstoord door een luchtaanval.

De Britse BBC heeft, onder de naam 'People's war' een website gemaakt waarop burgers en militairen hun indrukwekkende verhalen over de Tweede Wereldoorlog vertellen. De Engelstalige verhalen over de oorlog in Malta zijn hier te vinden.

11. Onafhankelijkheid

Voor de oorlog, vanaf het jaar 1936, gold er in Malta een koloniaal regiem. In het jaar 1947 werd Malta voor het eerst autonoom. Deze autonomiteit werd in het jaar 1958 ingetrokken. In het jaar 1961 werd de staat Malta uitgeroepen, waarna in 1962 de autonomie weer werd hersteld. Vanaf 21 september 1964 is Malta onafhankelijk van Groot-Brittannië. Het werd wel onderdeel van het Britse gemenebest; het huidige Gemenebest van Naties (Commonwealth of Nations). Het symbolische hoofd van deze vrijwillige verbintenis is de Britse koningin Elizabeth de tweede. Vanaf het jaar 1974 is Malta een republiek. Vanaf het jaar 1979 is Malta, met het verkrijgen van de neutraliteit, volledig onafhankelijk van de Britten. Op 1 mei 2004 sloot Malta zich aan bij de Europese Unie.

Economie

Malta behoort tot de monetaire unie en daarom betaalt men er met de Euro. Deze munt werd op 1 januari 2008 ingevoerd in Malta.

Malta kan voor maar 20% in haar eigen voedingsbehoeften voorzien. Veel voeding moet dus worden geïmporteerd. De economie is daardoor erg afhankelijk van de handel met andere landen en het toerisme. Vooral vanuit Italië, Frankrijk, Groot-Brittannië en Duitsland worden goederen geïmporteerd, terwijl de grootste exportpartner Singapore is. Ook naar de Verenigde Staten, Frankrijk, Groot-Brittannië en China wordt veel geëxporteerd.

De beroepsbevolking van Malta is erg productief. Vooral in de elektronica, scheepsbouw-, voeding- en kledingsindustrie wordt veel geproduceerd. De meeste van de geproduceerde artikelen zijn bestemd voor de buitenlandse markt. Zo worden onder andere de playmobilpoppetjes geproduceerd op Malta. Veel van het kalksteen (globigerinenkalksteen), waar de ondergrond van de eilanden voornamelijk uit bestaat, wordt als bouwmateriaal geëxporteerd. Nieuw is dat Malta zich voor luchtvaartmaatschappijen ontwikkelt als ideale locatie voor kostenefficiënt onderhoud van hoge kwaliteit.

Het toerisme vormt een voortdurend groeiende sector. Ongeveer 41.000 mensen zijn werkzaam in deze beroepsgroep. Jaarlijks bezoeken ongeveer 1.582.153 (2013) toeristen het eiland, waarvan de meeste in juli en augustus aankomen. Onder hen zijn er ongeveer 455.000 die uit Groot-Brittannië komen. Zij worden gevolgd door de Italianen (234.000) en Duitsland (147.000). Onder de reizigers uit de Benelux wordt Malta steeds populairder. Toeristen zijn verantwoordelijk voor ongeveer 20% van het bruto binnenlands product van het land. De meeste toeristen komen met het vliegtuig naar het Luqa international airport. Tevens doen jaarlijks maar liefst 269 (in 2014) cruiseschepen het eiland en dat aantal is gedaald in vergelijking met de jaren ervoor. Behalve toerisme rond het mooie weer en de historische bezienswaardigheden, ontwikkelt Malta zich steeds meer als wellnessbestemming.

Wanneer vroeger de schepen niet uit konden varen, of als er geen werk was in de havens, hielden de mannen zich bezig met het vervaardigen van gebruiksgoederen; zoals potten, glas, beelden en textiel. Vandaag de dag worden deze artikelen nog steeds geproduceerd. Hoewel de kwaliteit, van met name het glas, zeer hoog is, is de handel tegenwoordig toch vooral bedoeld om toeristen een poot uit te draaien.

Het logo van SmartCity

In de dienstensector zijn de banken belangrijk. Daarnaast zijn er veel callcenters op het eiland te vinden. Hierin zijn bijvoorbeeld de helpdesks van bedrijven in Engels sprekende landen gevestigd. Microsoft en HSBC-bank zijn hier voorbeelden van. Nederlandse bedrijven die actief zijn in de ICT outsourcen steeds meer werkzaamheden naar Malta, omdat de personeelskosten in de ICT op Malta ongeveer 35% lager liggen dan in Nederland. Ook bedrijven uit andere EU-landen zien Malta om die reden als aantrekkelijk locatie voor nearshore outsourcing. Malta ziet grote kansen in de e-business en heeft daarvoor zelfs een heuse e-minister aangesteld. Dit heeft geleid tot het plan SmartCity Malta; een investering van 275 miljoen euro voor de ontwikkeling van een gebied, nabij de plaats Kalkara, ter grote van 360.000 vierkante meter aan hypermoderne kantoren, woningbouw, winkels en recreatie. Het plan moet uiteindelijk 5.600 banen, voornamelijk in de informatietechnologie, opleveren.

Voor de landbouw is men afhankelijk van vruchtbare vulkaangrond dat vanaf het eiland Sicilië wordt geïmporteerd. Op deze grond worden voornamelijk aardappels, bloemkolen, druiven, tarwe, gerst, tomaten en citroenen verbouwd. Veel van deze producten zijn bestemd voor de binnenlandse markt. Een substantieel deel wordt echter ook geëxporteerd. De Maltezer aardappelen zijn bijvoorbeeld erg populair in Nederland. Voornamelijk vanwege het feit dat deze aardappelen geoogst worden op het moment dat wij zelf niet over jonge oogst kunnen beschikken. Behalve naar Nederland worden deze aardappelen maar sporadisch naar andere landen geëxporteerd. Van de tomaten die groeien op de eilanden wordt de tomatenketchup gemaakt voor de McDonald's vestigingen in de landen rondom de Middellandse Zee.

In de visserij is Malta voornamelijk berucht om de vangst van blauwvintonijnen. De tonijn wordt voornamelijk gevangen voor de Japanse sushi-industrie. In Malta levert de handel in tonijn tientallen miljoenen euro's op en leven er duizenden mensen van. De blauwvintonijnen worden vetgemest in tonijnboerderijen voor de kust, alvorens ze worden afgeschoten en naar Japan worden geëxporteerd. Door schaamteloos te frauderen met de tonijnadministratie kon Malta uitgroeien tot een belangrijke factor in de wereldhandel in deze vissoort. De blauwvintonijn is echter een met uitsterven bedreigde vis. De internationale gemeenschap probeert de handel in de vis te verbieden, maar een sterke lobby houdt dat tot nu toe tegen.

Malta is vermaard om de pyrotechnische industrie. Vooral rond de plaats Zurrieq zijn veel vuurwerkfabriekjes te vinden. Het vuurwerk wordt vooral gebruikt bij de festas (dorpsfeesten) en op landelijke feestdagen. Er zijn verschillende spectaculaire vuurwerkshows, waarbij de verschillende fabriekjes elkaar flink beconcurreren. Dit alles niet zonder gevaar. Op 4 november 2012 explodeerde bijvoorbeeld een vuurwerkfabriekje nabij het plaatsje Gharb op Gozo. Hierbij lieten vier medewerkers het leven. Op 5 september 2010 explodeerde een soortgelijke werkplaats die enkele meters verderop gelegen was. Hierbij ontplofte het vuurwerk dat lag opgeslagen voor de festa in Xaghra. Door de explosie kwamen zes personen om het leven. Op 12 maart 2008, ontplofte in een illegale opslag in de plaats Naxxar ruim een ton vuurwerk. Hierbij kwamen twee mensen om het leven en werd veel materiële schade aangericht. De discussie over het verbieden van de productie en ongecontroleerde opslag van vuurwerk laaide hierdoor weer op. Dat deed het ook al toen op 27 juni 2007 bij Gharghur vijf jongeren omkwamen bij een explosie in een vuurwerkfabriek. Tegenstanders van een verbod wijzen erop dat vuurwerk bij de cultuur van Malta hoort. Toch wordt de groep die voor een verbod is steeds groter.

Ondanks een gunstig vestigingsklimaat zijn er niet veel Nederlandse bedrijven actief in Malta. Vooral het mislopen van een opdracht door het Nederlandse bedrijf SIMED in 2003 is hier debet aan. Dit bedrijf was in de race voor de levering van de medische infrastructuur voor het nieuwe Mater Dei ziekenhuis in Msida. Een opdracht met een waarde van ongeveer zeventigmiljoen euro. Door corruptie tot op politiek niveau werd de opdracht echter gegund aan het Italiaanse INSO-Esaote. Het product dat INSO leverde was echter financieel en technisch inferieur aan dat van SIMED. Bovendien kregen de Italianen bij het bieden privileges die de SIMED niet had. Zo konden de Italianen hun bod tussentijds aanpassen aan het bod van de Nederlanders en werden internationale richtlijnen niet nageleefd. Het leidde tot een politieke rel, nadat door de oppositie (Labour Party) vragen werden gesteld over de kwestie. Mede door dit voorval staan met name Nederlandse en Duitse bedrijven niet te springen om te investeren in Malta. Ook de financiële betrokkenheid van Maltese banken in het fraudeschandaal rond het Italiaanse zuivelconcern Parmalat doet het land weinig goeds.

Vanwege de aanwezigheid van grote natuurlijke havens nabij de hoofdstad Valletta, vormt de bouw en reparatie van schepen van oudsher een belangrijke bron van werk en inkomsten. Vanwege de concurrentie van landen buiten Europa, is hier in het nieuwe millennium de klad in gekomen. In 2008 zijn delen van de scheepswerven gesloten en zijn er delen geprivatiseerd. De laatste arbeiders in overheidsdienst verlieten de werf op 31 maart 2010. De ondergang van de werven werd ingeluid door een megaopdracht voor de verbouwing van twee zogenaamde 'semi-submersible heavy transport'-schepen (Fjord en Fjell) voor het in Rotterdam gevestigde Fairstar Heavy Transport. Door vreemde constructies in de aanbestedingen verdienden onderaannemers veel geld, terwijl de werven verlies draaiden. Veel werknemers verloren hierdoor hun baan en anderen werden met vervroegd pensioen gestuurd. In juni 2010 werden de werven definitief geprivatiseerd en overgenomen door het Italiaanse bedrijf Palumbo.

Malta staat er om bekend dat er veel zeeschepen geregistreerd staan. maar liefst 1650 van de 9732 Europese registraties voor zeeschepen is Maltees. De Maltese handelsvloot is daarmee qua omvang de vierde van de wereld.

Flora & Fauna

Malta staat bekend om het Maltezer leeuwtje; een hondenras met witte lange haren, uitstaande oren en een wollige staart. Deze dieren zijn op Malta echter nauwelijks te vinden. Ze leven er niet in de natuur en worden vrijwel niet gehouden als huisdier. Wel leven er mediterrane kameleons, gekko's en kleine muurhagedissen, met een maximale lengte van 20 centimeter in het wild. Gifslangen leven niet op Malta. Wel zijn er andere slangen, zoals de ongevaarlijke zwarte variant van de geelgroene toornslang (is-serp iswed). Tevens leven er dieren als de vleermuis, egel en zoetwaterkrab. Voor grotere dieren zijn de eilanden gewoon te klein. In het hoogseizoen laten de cicaden (il-werzieq) zich regelmatig horen in het buitengebied. Meestal zitten ze verscholen in grote bomen. Als het donker wordt maken krekels (il-grillu) een zelfde soort geluid.

Er is slechts één bos op Malta. Dit aangeplante bos wordt Buskett Gardens genoemd. Behalve daar groeien bomen vooral los van elkaar of in kleine groepen. Olijfbomen aarden goed in Malta. Daarnaast is het ook mogelijk cipressen, tamarisken, laurierbomen en amandelbomen aan te treffen. Op de bodem van steengroeven zijn vaak fruitbomen aangeplant, zoals sinaasappelbomen. Veel exotische tropische bomen worden aangepland om erosie tegen te gaan. Daarnaast zijn er verschillende soorten cactussen te vinden die hun oorsprong hebben in Mexico en die in Malta goed aarden. Opvallend is vooral de honderdjarige aloë (Amerikaanse Agave). In bloei kan de cactus ruim 10 meter hoog worden en daardoor wordt vaak gedacht dat het een boom is. Ook oorspronkelijk uit Mexico komt de Opuntia of schijfcactus. Hiervan staan er duizenden in Malta.

De Maltese centaurie (Palaeocyanus crassifolius) is de nationale plant van Malta. Deze plant groeit op de rotsen in een klein bosje, waaruit lange sprieten groeien. Wanneer de plant in bloei staat, groeit daar een roze bloem uit. De plant groeit, behalve in Malta, nergens anders. Een groot deel van de overige gewassen in Malta bestaat uit struiken en kruiden, zoals munt, tijm, basilicum en rozemarijn. Voor de rest laat de begroeiing van Malta zich vergelijken met die langs de kust van andere landen aan de Middellandse Zee.



Google



Zoeken met Google Foto's zoeken met Flickr Zoeken met Google en Flickr